De Groenste Obstakelrun

Tijdens deze jaarlijkse survivalrun moeten deelnemers klimmen en klauteren over en onder allerlei hindernissen. Bij de start bevindt zich een stormbaan van ongeveer 100 meter lang in de vorm van een luchtkussen, verderop in de run loopt het door een bos en door de modder, vandaar de naam: ‘De Groenste Obstakelrun’. Deelnemers kunnen kiezen tussen verschillende afstanden. Deze afstanden kan men individueel lopen of in een team. De Groenste Obstakelrun werkt dit jaar voor het eerst met chips, die aan de schoenen moeten worden bevestigd voor tijdsregistratie.

 

De start van Willem

Willem Kinzel was een van de survivallaars. Hij startte redelijk rustig. Voor de run zei Willem: “Je bepaalt zelf hoe zwaar de run is, door met je tempo te variëren.” Hij heeft De Groenste Obstakelrun vier keer eerder gelopen en ze nog niet uitermate zwaar gevonden voor een survivallaar. Willem heeft zich goed voorbereid op de dag. Hij heeft veel geoefend, aangezien hij elke week survivaltraining heeft. “Tijdens de trainingen lopen we veel en oefenen we met hindernissen”, haalt hij aan.

Willem Kinzel

De start van Olaf

Ook Olaf is een ervaren survivallaar. Hij heeft deze run tot nu toe alle keren gelopen. De laatste drie keren heeft hij, net als nu, zijn twee zoons meegenomen en zij dus rennen als team. Ook loopt er deze keer een vriend van de kinderen mee. In tegenstelling tot Willem denkt Olaf dat zij een snelle start zullen maken, omdat hij verwacht dat zijn kinderen aan de start meer tempo maken. “Daarom denk ik dat we geen kans maken om te winnen”, zegt hij. “We moeten gewoon onze rust pakken nadat we de snelle start door de stormbaan hebben gemaakt.”

Olaf Koot

De obstakelrun van Willem en Olaf

Willem startte als eerste van de twee. Hij hoorde bij groep 1 die om 12.00 uur vertrok en eindigde als zevende in zijn categorie. Olaf begon om 12.40 uur en kwam met zijn kinderen als tweede van de teamgroep de finish over. Achteraf vonden ze het eerste stuk het zwaarst. “Mijn hartslag ging flink omhoog na de stormbaan”, zegt Willem. “De stormbaan is niet echt mijn ding, maar het was wel het leukste onderdeel.” Na dit onderdeel liep hij veel anderen voorbij, die een iets te snelle start hadden gemaakt. Olaf startte met zijn team inderdaad iets te snel. “We kwamen zoals voorspeld direct op hoge adem te zitten, maar herstelden snel door elkaar aan toe moedigen.”

Of je vies wordt bij de obstakelrun? Zeker, Olaf vond alleen nauwelijks vies te noemen, de ‘duikers’ (die als rioleringsbuis gebruikt kunnen worden) waar ze doorheen moesten kruipen best vies. Willem stoorde zich er niet aan, “Ik ben modder wel gewend bij dit soort runs.”

Uiteindelijk zijn Willem en Olaf het over een ding eens: ze zouden het beide aanraden aan mensen die sportief aangelegd zijn of willen beginnen met sporten.

Willem en Olaf

De omgewaaide “storm”baan

Niet alles liep vlekkeloos bij de obstakelrun. Vlak voor de vierde groep waaide het enorme luchtkussen omver. Alle renners werden ingeschakeld hulp te bieden aan de stormbaan. Na een flink stuk duwen stond het weer op haar plaats en zo kon ook de vierde groep starten met lopen.

De “storm”baan

Fons Assen