Uit het onderzoek komen twee mogelijke oplossingsrichtingen naar voren. De eerste is het verkleinen van het gebied waar alleen een winkelbestemming op de panden zit. De tweede mikt op het loslaten van de huidige winkelbestemming.  

Het baart VVD-fractievoorzitter Daaf Ledeboer zorgen dat in de tweede variant overal de begane grond ook een horeca-, kantoor- of woonbestemming kan krijgen: “Hoewel de huidige winkelleegstand snel afneemt, zijn de winkelhuren, met name in de aanloopstraten, nu nog relatief laag.  De woonopbrengsten zijn door de huidige schaarste in de woningvoorraad juist erg hoog. Dat geeft pandeigenaren op dit moment een prikkel om winkelpanden om te zetten in woonhuizen.” 

“Als er overal gewoond mag worden heeft dat ingrijpende gevolgen voor de binnenstad. Winkels raken door tussenliggende verwoning van elkaar geïsoleerd.” aldus de partijvoorzitter. “De loop zal uit de straten raken waardoor de aantrekkelijkheid afneemt. Hierdoor gaat het beeld van onze winkelstraten ingrijpend, langdurig en onomkeerbaar veranderen.” 

Volgens VVD zal juist in het funshopgebied, waaronder de Overstraten, Engestraat en Broederenstraat, tot een versnelde verwoning leiden. In deze straten heerst er een grotere dynamiek, zijn de winkelhuren laag en is het verloop wat groter door de vele starters. 

Volgens de bezoekers zijn het nou net de vele kleine winkeltjes die het onderscheidende karakter van de Deventer binnenstad bepalen. Dit is het unique selling point waarmee Deventer de concurrentie met andere steden aankan. 

VVD geeft blij met de actieve opstelling van de ondernemers van de binnenstad, zoals die zijn georganiseerd in de stichting Deventer binnenstadmanagement. Tegelijkertijd vindt de partij het belangrijk dat bij ingrijpende wijzigingen ook de belangen van de binnenstad als geheel en ook van het winkelend publiek worden meegenomen.