De ontwikkeling van het Speelgoedmuseum in het voormalige Kantongerecht
Nadat eerdere plannen (initiatieven vanuit de stad) voor het Speelgoedmuseum niet haalbaar bleken koos de gemeenteraad in november 2016 voor het museaal concept ‘het Nederlands Speelgoedmuseum’ van Deventer Verhaal. De museumorganisatie kreeg bovendien de opdracht om voor maart 2017 een business case uit te werken voor het beoogde Speelgoedmuseum in de panden van het voormalige Kantongerecht. Al in een vroeg stadium bleek het een grote uitdaging om de museale eisen te kunnen realiseren in het monumentale pand. Bovendien werd er asbest geconstateerd in het dak en zorgde de publiek-private samenwerking voor de nodige risico’s en problemen voor de aanvullende fondsenwerving.

In de zomer van 2017 werden daarom alternatieve scenario’s onderzocht om de gerezen problemen te ondervangen. Dat resulteerde uiteindelijk in een intentieovereenkomst tussen de museum-organisatie en Franken Vastgoed, waarbij de verantwoordelijkheid voor de verbouwing van het museum kwam te liggen bij de pandeigenaar en de verantwoordelijkheid voor het museale concept en de inrichting bij Deventer Verhaal. De gemeenteraad ging op 7 maart 2018 akkoord met de inhoud van het bedrijfsplan, maar gaf ook de opdracht om de beoogde renovatie en exploitatie uit te werken in een gedetailleerd bouwplan en een huurovereenkomst, met een zorgvuldige financiële onderbouwing om onverantwoorde risico’s te vermijden.

 

Conclusie
Omdat Deventer Verhaal als museum- en erfgoedorganisatie onvoldoende expertise heeft op gebied van vastgoedontwikkeling, liet zij zich in de onderhandelingen over het verbouwingsproject bijstaan door Brink Groep en Bart Deddens Projectmanagement. Brink Groep (eerder werkzaam voor onder meer het Rijksmuseum en het Nationaal Militair Museum) was verantwoordelijk voor contractmanagement en budgetbewaking, terwijl  Bart Deddens (eerder als projectleider verantwoordelijk voor de herinrichting van Museum De Waag) adviseerde over de benodigde installaties voor klimaat, presentaties en beveiliging. Garrelt Verhoeven, directeur van Deventer Verhaal: “Wij vonden het belangrijk om in deze fase mensen in te schakelen met specialistische kennis van zaken om in samenwerking met Franken Vastgoed tot een goed bouwplan te komen.” De conclusie van de adviseurs was echter dat het beoogde resultaat binnen de gestelde financiële kaders niet gegarandeerd kon worden en dat er te grote risico’s waren voor de exploitatie van het museum.

Directie en Raad van Toezicht hebben daarom besloten dat verder onderzoek zinloos is en hebben B&W en de gemeenteraad op de hoogte gesteld dat zij geen vertrouwen hebben dat het project op een verantwoorde wijze kan worden uitgevoerd. Garrelt Verhoeven reageert teleurgesteld: “Het was een prachtige kans, waar we met hart en ziel aan hebben gewerkt. Het is een indrukwekkend gebouw dat zich uitstekend leent voor een museale bestemming. Juist door dit historische monument een publieke functie te geven konden we naast het Speelgoedmuseum ook een vaste opstelling van topstukken uit onze erfgoedcollectie tonen in de stijlkamers.” Ondanks dat het vernieuwde Nederlands Speelgoedmuseum niet in het Kantongerecht ontwikkeld wordt, blijft Deventer Verhaal volledig achter het opgestelde museale concept staan, en hoopt zij dat het op een andere locatie wél gerealiseerd kan worden. Het voortbestaan van het Speelgoedmuseum is van groot cultureel, educatief en economisch belang voor de stad.

 

Milan Keskin