Lezingen

Lang voordat de landen die wij kennen als Frankrijk, Duitsland, Spanje, Engeland, Italië en Nederland centraal geregeerde landen werden, hadden ze al wél die namen. Maar van een centrale regering was pas sprake nadat in elk van die landen één speciale figuur erin slaagde de machtige edelen, die zich vaak volstrekt onafhankelijk opstelden t.a.v. hun koning, van hun macht te beroven en ondergeschikt te maken aan één vorst. Ambtenaren kregen de taken die de adel voordien had uitgeoefend, zoals belasting innen en recht spreken. Die ambtenaren ressorteerden onder de koning, de edelen werden zoet gehouden met onbelangrijke baantjes aan het hof. Dit proces werd in gang gezet en uitgevoerd door drie koningen en drie staatslieden.

In Engeland waren de hertogen, graven en baronnen vrijwel onafhankelijk van de koning, totdat na de Rozenoorlogen de adel van het land zo sterk was uitgedund dat zij zich niet langer konden verzetten tegen de krachtige koning Hendrik VIII. Die organiseerde een systeem van ‘justices of the peace’ waarmee hij tot in de kleinste hoeken van het land kon bewaken dat zijn beleid werd uitgevoerd.  Jos Paardekooper zal op maandag 10 september een lezing houden over Hendrik VIII.

In Frankrijk heersten graven en hertogen die soms rijker waren dan de Franse koning en zich niet veel aantrokken van de wensen van hun vorst, tot koning Frans I al die machtige edelen een voor een aan zich onderwierp. Hij introduceerde het humanisme en de moderne wetenschap in zijn land en liet veel schitterende kastelen en belangrijke wetenschappelijke instituten na.  Gerben Hellinga vertelt hierover op maandag 8 oktober.

Op het Pyreneese schiereiland bevonden zich vijf koninkrijkjes, tot Ferdinand van Aragon en Isabella van Castilië met elkaar trouwden en hun koninkrijken samenvoegden tot en zo van Spanje een sterk land maakten dat het gehele schiereiland behalve Portugal besloeg. Nadat de moslims verdreven waren bouwden Ferdinand en Isabella hun land om tot een moderne natie. De functies van de hoge edelen werden overgenomen door een ambtenarenapparaat, de ‘letrados’ die daar dezelfde functie hadden als de ‘justices of the peace in Engeland. Hierover gaat de lezing van Jielis van Baalen op 12 november.

Na deze drie lezingen over koningen als statenstichters volgen drie lezingen over staatslieden.

Duitsland was lange tijd een verzameling van koningen, hertogen, graven, baronnen, roverhoofd-mannen en vrije steden, meer dan tweehonderd in totaal. In 1871 werd Graaf Otto von Bismark in 1871 de rijkskanselier. Hij organiseerde het Duitse keizerrijk en vanaf toen werd Duitsland de facto één land, zoals Paul van Agten zal vertellen op maandag 10 december.

Italië was een verzameling stadstaatjes tot de generaal en politicus Giuseppe Garibaldi het Apennijnse schiereiland verenigde tot één land. Hoe Garibaldi erin slaagde van Italië één land te maken wordt verteld door Jan Willem Arends, op maandag 14 januari.

En Johan van Oldenbarneld stond as raadspensionaris van de verzamelde vertegenwoordigers van de ‘Zeven Verenigde Provinciën’ (die nog geheel niet ‘verenigd’ waren behalve inde strijd tegen Spanje) aan de wieg van het moderne staatssysteem van Nederland, door ingrijpende veranderingen aan te brengen in het regeringssysteem.  Hierover zal Luc Panhuysen vertellen op maandag  11 februari.