Wethouder De Geest (Vastgoed, PvdA) hecht waarde aan het loslaten van vastgoed ‘dat niet voor eigen of maatschappelijk gebruik nodig is’. Daarmee ontkent de gemeente de grote waarde van De Hip. Een bruisend café, dat een laagdrempelige plek is voor livemuziek, culturele evenementen en ontmoetingen tussen Deventenaren. ‘Wij zijn hier drie jaar geleden gesticht, en voelen ons er nog altijd welkom,’ aldus Jarno van Straaten, Deventenaar, vicevoorzitter en politiek secretaris van DWARS Overijssel.

‘De Hip moest in 2012 beloven het pand niet door te verhuren aan een commerciële partij. Aan die afspraak hebben ze zich gehouden. Ook krijgen ze geen subsidie en levert de Hip de gemeente geld op. Dan is het onzin om zo’n mooi pand over te laten aan pandjesbazen en huisjesmelkers. Die gaan dezelfde eenheidsworst toepassen op het pand: dure appartementen, een saai restaurant en verder geen toegevoegde waarde,’ meldt Jarno van Straaten

Eerder was de gemeente ook al nalatig bij de synagoge, die eerst verkocht dreigde te worden aan een horecaondernemer, maar later gaf de gemeente geen horecavergunning af omdat de synagoge religieus erfgoed is. Toch vertrok de Joodse gemeenschap, met als gevolg dat het  belangrijke pand niet meer wordt gebruikt.

De gemeente moet volgens DWARS Overijssel uiterst voorzichtig zijn met het verkopen van vastgoed. ‘Niet alles is in geld uit te drukken. Belangrijke panden moeten toegankelijk zijn voor cultuur en vermaak, en niet in de handen van enkelen komen,’ zegt Van Straaten.