De lezing van Johan van der Veen ging in op de betekenis van de Socialistische Partij, de Revolutionair Socialistische Partij, de Revolutionair Socialistische Arbeiderspartij en de Communistische Partij voor de gemeentepolitiek van de jaren twintig en dertig. Daarbij kwamen ook aantal markante vertegenwoordigers van deze partijen, zoals Johan Roebers, Aalbert Jan Gerritsen en Albert Johan Gerards, aan de orde.