COLUMN

e l v i r a s a l e t

SPORTVERDWAZING

Lieve Erik,

Ja daar schrik je van hè, het komt binnen als je het woord alleen al leest.

De afgelopen weken heb ik vaak over dat woord nagedacht als ik de krant las of het nieuws volgde over de manier waarop er sport wordt bedreven. Soms met fascinatie, soms intrigeerde mij het bericht of het beeld. Tussen deze gedachten stroom door train ik op dit moment met plezier 11 jonge gasten die allemaal een droom hebben om de ‘berg olympisch te bereiken’. De weg is lang en zit vol valkuilen. Mogelijkheden en voorwaarden zijn niet altijd voor iedereen hetzelfde helaas. Maar voorop moet staan het plezier en vertrouwen in elkaar, door training samen je grenzen elke keer weer te kunnen verleggen. Aankomende zaterdag stappen wij voor een aantal dagen het ‘zomerijs’ in Thialf op. Vrijdag 5 juli a.s. vertrekken wij naar Italië voor een hoogtestage.

Terug naar het woord sportverdwazing wat maakt dat een mens zover gaat dat hij zichzelf of soms ook zijn omgeving in gevaar gaat brengen. Er is al veel over geschreven: “De sportverdwazing zou te wijten zijn aan de media”. Het is een klassieker sport en Godsdienst met elkaar te vergelijken, dan gaat het al snel over saamhorigheid. Het stadion is dan de tempel, de televisie de kerk en de sporters zijn de virtuozen en worden met ware hartstocht aanbeden. Jij zelf hebt dit ook aan de lijve ondervonden met jouw cluppie Go Ahead Eagles het afgelopen seizoen. De emoties liepen vooral aan het eind van het seizoen heel hoog op. Valt dit ook in de categorie sportverdwazing? Een beetje wel denk ik. Toch intrigeert het mij op welke wijze mensen reageren op het hoogst van de strijd.

Ik kan het ook wel weer begrijpen, het heeft te maken met emoties en beleving, immers het gaat hier over gezworen kameraden. Ik zelf heb verdwazing meegemaakt, bij één van de drie Elfstedentochten die ik gereden heb in 1986, 1987 en 1997. In die tijd schreef de NRC een mooi artikel over het herwonnen paradijs, heel Nederland vond zich in saamhorigheid. Ik moet eerlijk zeggen dat het drie bijzondere momenten waren in mijn leven. Ik was goed getraind, bij de eerste reed ik weliswaar met een ingescheurde knieband. Die ik had opgelopen met een skivakantie kort ervoor. Op het moment dat ik het legendarische citaat van Jan Sipkema (voormalig Elfstedenvoorzitter) hoorde: ‘IT SIL HEVE’ zat ik gelijk in het ziekenhuis bij dr. Ponsen (voormalig Chirurg en club-arts bij PEC Zwolle)! Hier komt het moment van mijn sportverdwazing, ik moest en zou rijden, de band was immers niet afgescheurd! Ja Erik, ik beken, zware verdwazing. Dr. Ponsen haalde mij uit het gips en heeft hij mijn ingetapet zodat ik toch zou kunnen rijden. In de gang van het ziekenhuis de schaatsbeweging gemaakt of de tape goed zat, gekkenwerk hoor ik je zeggen, klopt hahaha… Je wilt niet weten hoe ik heb afgezien vooral vanaf Dokkum, het laatste stukje terug naar Bartlehiem richting Leeuwarden. Het was die dag goed dooi, dus je zag de scheuren niet duidelijk en bij Leeuwarden hadden ze grote lampen in het weiland geplaatst, recht gericht op het ijs. Je zag echt niks meer, totaal verblind werd je. Ik had veel geluk die dag, geen één keer gevallen, bij kluunplekken…

“hé, daar heb je een Famke” hoorde je dan, werd je de kant opgetrokken, mazzel heel veel mazzel. Het felbegeerde kruisje werd mijn trofee in 1985. Het eerste kruis was zeker een ‘KRUIS’ met sportverdwazing. Gelukkig niks aan overgehouden zodat na ’86 en ’97 ik in het gelukkige bezit ben van drie Elfstedenkruisjes en rijke herinneringen. Tja een mens wil ver gaan als hij/zij echt iets wil bereiken.

De volgende sportverdwazing brengt mij op het bericht over de Mount Everest, een machtige berg die veel teweeg brengt. Dit jaar alleen alweer 3 klimmers omgekomen. Hier komt de fascinatie om de hoek. Ik kan mij voorstellen dat je goed getraind die berg wilt bedwingen. Maar ik kan mij niet voorstellen dat ik een Elfstedentocht rij, in de file moet staan. Om daarna verder te kunnen rijden en tijdens die tocht ‘gewoon’ langs ingevroren lijken te rijden! Dat ik dan 100.000 euro betaal om überhaupt dit alles mogelijk te kunnen maken. Daarbij ook nog de mogelijkheid dat je het zelf niet overleeft! Er zijn echt grenzen……maar wie ben ik om een grens te trekken voor een ander zijn sportuitdaging. Toch trek ik die grens voor mijzelf.

Over grenzen gesproken Maarten van der Weijden, gaat weer de Elfstedentocht zwemmen, over twee dagen duikt hij weer in de Friese Wateren. Nu hoor ik je denken, wat ga je nu zeggen…. Ja dit is een lastige, maar de eerlijkheid gebied dat dit toch ook sportverdwazing is, weliswaar voor een goed doel. Maakt dit dan dat het geen verdwazing is. Ik denk van niet. Dit is echt ook verdwazing. Vorig jaar was Maarten zo uitgeput na 163 km zwemmen en 55 uur in het water te hebben gelegen, was het echt op. Nu komt het Erik, hier komt toch zeker sportverdwazing om de hoek kijken. Maarten spuugde, kreeg een medicijn tegen de misselijkheid, ook dat kon hij niet meer binnen houden. Viel zelfs in slaap in het water, verstoorde zoutbalans, hoe ver wil een mens gaan. Hoe gek ben je als mens. Maarten heeft een gezin die al een keer de angst van het verliezen hebben moeten door staan. Dat gevecht tegen kanker heeft hij buiten de media geleverd en leverde hem geen geld op helaas voor het goede doel. Ik heb zelf kanker gehad dus begrijp dat Maarten veel wil doen om het ook mogelijk te maken dat anderen het kunnen overleven. Fascinerend dat een mens zover wil gaan. Intrigerend ook hoeveel mensen er voor over hebben om dan wel geld te doneren.

De media brengt het in beeld, de heroïek, “al die mensen, al die aandacht waarmee dat geld ingezameld wordt”! Dit is toch sportverdwazing ten top. Als Maarten niet zo lijdt in het water is er niet de fascinatie. Als de afstand voor zwemmen in open water door de nacht heen niet zo extreem zou zijn, is er ook niet de heroïek. Natuurlijk ben ik ook getriggerd door wat hij doet en hoop ik dat hij het dit keer wel gaat halen. Ik heb ook respect voor wie hij dit doet, het goede doel, voor ons allemaal. Maar toch trek ik ook hier de grens. Het kan niet zo zijn dat een mens kanker heeft overleefd en dan opnieuw moet lijden om veel geld op te halen. Hetzelfde gebeurt bij AlpDuZes, ook hier de fascinatie en respect van de inspanning, maar toch ook een stuk sportverdwazing waar je veel geld mee kunt ophalen. ‘Opgeven is geen optie’ dat onderschrijf ik zeer maar wij schieten wel door om alleen te willen ‘geven’ als mensen extreme sportprestaties leveren, waarbij zij zichzelf in gevaar brengen.

Sportverdwazing bij de jeugd ligt ook op de loer. Binnen elke sportbond in Nederland zie je extreme prestaties waarvan je kunt denken, hoe kan dit. Het kan altijd alleen maar met een goed getraind lichaam, maar het lichaam moet wel er aan toe zijn in leeftijd. Laat jeugd vooral nog spelenderwijs haar sport beoefenen en hou ze vooral heel en ver van SPORTVERDWAZING…

WIE IS ELVIRA SALET?
Ik ben trainer/coach van een geweldig mooi junioren team, de gewestelijke selectie SprintTeam OOST. Wij trainen op de namiddag, maandag, dinsdag en vrijdag op de Scheg in Deventer. In de zomer trainen wij op de atletiekbaan en skeelerbaan op Keizerslanden. De krachttrainingen (KR Trainer Yildiz van Essen) werken wij af bij Antvelink Sportfysio in Deventer. De fietstrainingen worden afgewerkt vanaf Wilp de Veluwe over, de dijk aan de overkant van Deventer, of vanaf De Knobbel Heerde/Epe/Tongeren. De rijders komen allemaal uit de regio Oost. Het team bestaat uit: Adriaan de Kluiver (Schalkhaar), Kai in ’t Veld (Deventer), Mervin Maatman (Deventer),  Tim Hoogkamer (Deventer), Sebas Diniz (Borne), Michael Den Draak Borm (Arnhem), Pepijn de Wolff (Arnhem) Zoë Tiemens (Apeldoorn) de drie stagiaires Fabienne Diniz (Borne), Tosca Mulder (Hierden) en Yasmine Bouaziz (Apeldoorn).

U mist in dit rijtje de vertrokken rijders: Mika van Essen (Team Reggeborgh), Watse Vermaning (Studie Enschede, gaat daar in de baanselectie verder), Lars van Bemmel (ook studie Nijmegen, gaat daar in de baanselectie verder) en Jens Verbeek (gaat komend seizoen in het RTC rijden bij de B-junioren).