Door Cyrine Beune

Vol goede moed, maar moe komt de 21-jarige Jop de Jong het café binnen. Een lange stageweek heeft hem uitgeput. De Jong is namelijk niet alleen ‘Jop de biljarter’, maar ook ‘meester Jop’. En die combinatie is soms nog wel eens lastig. “Ik heb niet veel kunnen trainen, maar ik heb er wel veel zin in”, houdt De Jong moedig vol.

Dat is maar goed ook, want vandaag en morgen moet het gebeuren. Samen met voormalig Nederlands Kampioen biljart artistiek (2015) René Dericks zal hij dit toernooi spelen.

Biljart artistiek: een moeilijke sport

Biljart artistiek is een bijzondere vorm van biljarten, een echte nichesport. “Het is het freestylen van biljarten”, vertelt De Jong. “Met de speelbal raak je de andere twee ballen, in een bepaalt figuur. Daar krijg je punten voor, afhankelijk van de moeilijkheid.”

En dat het moeilijk is, blijkt wel uit de eerste dag van het toernooi. Aan het eind van de dag wordt besloten dat er écht beter gespeeld moet worden. Anders kunnen ze fluiten naar de wisselbeker, die Jop vorig jaar juist zo trots mee naar huis nam.

Wat brutaal riep hij aan het begin: “ik had de beker helemaal niet mee hoeven nemen, ik neem hem toch weer mee naar huis!” Maar dat blijkt een gevaarlijk uitspraak.

Gezellig, maar fanatiek

Met de zogenaamde Grand Prix- en Masterwedstrijden is het heel anders. Afgelopen jaren heeft De Jong heel wat wedstrijden gespeeld. Zelfs zo goed dat hij in 2016 de masters en daarmee het Nederlands kampioenschap won.

“Het seizoen is nu afgelopen en je kunt geen Europese punten meer verdienen, dus het is meer voor de lol”, vertelt de jonge biljarter. “Dat neemt niet weg dat iedereen wel fanatiek is. we zijn vrienden aan tafel, maar vijanden om tafel.”

De rest van het toernooi ligt het geluk niet aan de kant van Nederland. Zondag, de tweede dag van het toernooi, begon goed. Maar al snel verloor Nederland van Duitsland en daarmee was ook de kans op een eerste plaats onhaalbaar geworden. Ze moesten het doen met de derde plaats.

Niet Jop, maar het Duitse team ging er met de wisselbeker van door. Wanneer het Nederlandse team de beker voor de derde plaats in handen krijgt, zegt zijn teamgenoot: “Neem jij deze beker maar mee, Jop. Dan heb je een vervanger voor de wisselbeker!”