Omdat laatstgenoemde langzaam wordt gebracht, moest Martijn Berden ook in de wedstrijd tegen FC Dordrecht plaatsnemen op de reservebank. Vanaf die bank zag hij zijn team een tamelijk gemakkelijke eerste helft spelen. “Ik zat vrij ontspannen toe te kijken”, vertelt Berden. “Omdat die goals in de eerste helft zo makkelijk vielen, kon ik me rustig voorbereiden om zelf in de tweede helft minuten te maken.” Ondanks de 3-0 voorsprong bij rust zag Berden dat zijn ploeg niet de volledige 45 minuten de baas was geweest. “We verslapten een beetje in het laatste kwartier van de eerste helft”, vond de snelle aanvaller. 

In de tweede helft kon Berden zelf laten zien wat hij in huis had. Na de 4-0 van Sam Hendriks kwam hij in de ploeg voor Antoine Rabillard. Aanvankelijk beleefde de vleugelaanvaller een valse start, want niet lang na zijn intrede deed FC Dordrecht wat terug door de 4-1 te scoren. Die tegengoal maakte Berden echter snel ongedaan. “Ik kreeg de bal wat gelukkig voor mijn voeten. Alsof het zo moest zijn, eigenlijk. Gelukkig tikte ik hem goed binnen.” Het was zoals gezegd zijn eerste doelpunt na langdurig blessureleed. “Er kwam veel ontlading vrij”, glundert de buitenspeler. “Na zo’n lange tijd is het heel fijn om te doen wat je het allerleukste vindt: scoren.” 

De laatste tien minuten had Go Ahead Eagles, ondanks de 5-1 voorsprong, geen duidelijk overwicht meer. Berden: “Tegen het einde ging de wedstrijd op en neer. Maar eigenlijk is dat voor mij alleen maar goed. Dan kan ik weer rustig wennen aan de intensiteit. Ondanks dat het nog redelijk zwaar was, ben ik daar dus gewoon blij mee.” Het wennen aan die intensiteit weerhoudt Berden er niet van om hoopvol vooruit te kijken. “Hoe meer minuten ik maak, hoe sneller ik weer klaar ben om volledig te gaan knallen!”